ESPG pleit voor onderlinge acceptatie pootgoedtesten
Stel, je bent een Belgische pootgoedteler en jeexporteert een partij poters naar een ander EU-land. In dat andere land constateren ze bij monstername een mogelijke aanwezigheid van ring rot. Het is dan half februari. Ook thuis op de boerderij gaan dan alle deuren op slot. Je krijgt controle van de eigen keuringsinstanties.Die constateren binnen enkele dagen: niets aan de hand. Daarna volgen nog nieuwe testen door de eigen keuringsinstanties in het exportland en die vergelijken ze met de testen aldaar. Hieruit blijkt eveneens: niets aan de hand. Dan is het nog wachten op een officiële besmetvrijverklaring. Die komt, twee maanden later. Het is dan eind april. Gevolg, je hebt al je pootgoed nog in de schuur en de markt is gedaan.