Verbazing

Voormalig Oost-Duitsland 1991: Hartmut en Uwe stonden in de brandende zon op ons te wachten bij het proefveld met ettelijke veldjes aardappelrassen.

Voormalig Oost-Duitsland 1991: Hartmut en Uwe stonden in de brandende zon op ons te wachten bij het proefveld met ettelijke veldjes aardappelrassen. Door het Arbeitsamt was toegezegd dat ze vijftien tot twintig personen zouden sturen om de veldjes te rooien. We hadden twee dagen gepland voor de klus, maar dat zou met slechts twee hulpen niet lukken, temeer doordat bij Hartmut één arm geamputeerd was. De mannen waren Wolga-Duitsers, net geïmmigreerd vanuit de Sovjet-Unie. Wolga-Duitsers waren in de 2e helft van de 18e eeuw door tsarina Catherina de Grote naar Rusland gehaald om langs de Wolga landbouw te gaan bedrijven. Na de aanvankelijke vriendelijke ontvangst werd de hechte gemeenschap in 1941 door Stalin beschuldigd van verraad en gedeporteerd naar werkkampen. Pas in 1955 werden deze gevangenen vrijgelaten. Het verbod op de Duitse cultuur en taal vervreemden hen steeds verder van het vaderland. Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie kwamen grote groepen naar Duitsland, het welkom was minder dan verwacht en gehoopt.